Slow-foxtrot

(Internationaal “Foxtrot” of “Slowfox”genoemd)

De slow-foxtrot is een ballroomdans die zijn naam dankt aan de bedenker, de acteur Harry Fox. Volgens de legende kon Fox geen dame vinden die capabel was om de moeilijke “two-step” te dansen. Hij voegde hiervoor twee snellere passen toe en creeerde op deze manier het basis foxtrot ritme, slow-slow-quick-quick. De foxtrot werd officieel voor het eerst gedanst in 1914. Daar werd het snel opgepikt door het getalenteerde echtpaar Vernon en Irene Castle, die het dansen een gracieuze stijl gaven. De gevestigde danselite probeerde al snel de ongewone stijl over te nemen en toen een getalenteerde Amerikaan, G.K. Anderson naar London kwam en verschillende wedstrijden won met Josephine Bradley, werd de echte foxtrot stijl pas gecreëerd. Tegenwoordig wordt deze dans voornamelijk begeleid door dezelfde soort big band muziek als waar de “swing” op wordt gedanst.

De foxtrot was de meest opmerkelijke ontwikkeling in het ballroom dansen. De combinatie van snelle en langzame passen zorgde voor meer flexibiliteit en meer variatie dan de “one-step” en “two-step”. Er is meer variatie in de foxtrot dan in iedere andere dans en in sommige opzichten is hij het moeilijkst om te leren. Uiteindelijk werd de foxtrot opgesplitst in de langzamere slow-foxtrot en de snelle quickstep.

In de context van de Internationale Standaard categorie van ballroom dansen wordt deze dans nog altijd foxtrot, slow foxtrot of slowfox genoemd. Deze namen worden nog steeds gebruikt om de dans te onderscheiden van andere typen foxtrot. De slow-foxtrot wordt gedanst in een soepele, vloeiende en doorgaande beweging over de vloer, maar zonder rijzen en dalen. Het wordt gezien als de moeilijkste van de vijf standaarddansen, zowel technisch als muziekaal gezien.

 

DansPromotie NL